Oude werken, jonge schrijvers 2024

pentimenti

door emma ydiers

Datum 24 februari 2025

Achttien jonge Vlaamse en Nederlandse auteurs lieten zich inspireren door 17de-eeuwse schilderijen uit het Mauritshuis in Den Haag, vanuit één kernvraag: wat zie je als je met oog voor alternatieve geschiedenis naar deze artefacten kijkt? emma ydiers schreef een tekst bij het schilderij Gezicht op het eiland Itamaracá in Brazilië, door Frans Post geschilderd in 1637. ‘spijt vereist een voorstellingsvermogen van alternatieve uitkomsten’

Frans Post, Gezicht op het eiland Itamaracá in Brazilië, 1637. Collectie Mauritshuis. Inv.nr: 915

pentimenti

met mijn neus op het scherm beweeg ik doorheen Gezicht op eiland Itamaracá in Brazilië. ik zoek naar pentimenti, kleine bewerkingen die de originele schilder op het werk aanbrengt tijdens het maakproces. pentimenti verwijst naar pentire, spijt hebben. spijt ontstaat door de wens om de huidige situatie te corrigeren. spijt vereist een voorstellingsvermogen van alternatieve uitkomsten die achteraf als meer gewenst voelen dan de huidige situatie die een gevolg is van de gemaakte keuze. enkel heel nauwlettende kijkers kunnen pentimenti herkennen. Frans Post liet geen sporen van spijt achter.(1) 

ik verbreed mijn blik in plaats van hem te vernauwen. onder het schilderij lees ik dat Post een van de kunstenaars was die met Johan Maurits naar Brazilië reisde, dat dit landschap het eerste schilderij is dat we van Post kennen, en het eerste dat een Europese schilder van Brazilië maakte. zo vind ik wel sporen van bewerking: ‘Een wit geheugen herinnert zich wat de eigen geschiedenis bestendigt en vergeet al het andere. Wit herinneren werkt als een gum en een pen tegelijkertijd. Het wist uit om er vervolgens een vlag te planten of een naam te schrijven.’(2) 

ik zoom nog verder uit. voor de schrijfresidentie waarbinnen ik dit nu schrijf, ging deBuren een samenwerking met het Mauritshuis aan omdat ‘ 

                                                                                            ’(3) deBuren vraagt ons om een schilderij vanuit de blik ‘alternatieve geschiedenis’ te bekijken: wat als een bepaalde gebeurtenis uit de geschiedenis nooit had plaatsgevonden?  

ik probeer mijn blik nog verder te – ik gom. ik zoek naar – ik gom. zelfs de paarden zijn medeplichtig want zonder hen zouden de Portugezen – ik gom. het hout werd gekapt om het Mauritshuis te – ik gom. de zee herbergt al talloze lichamen van – ik gom. ik zou ook niet kunnen focussen op lijdende zwarte lichamen om raciaal geweld niet te reproduceren net zoals – ik gom. alternatieven inbeelden is een zwarte feministische strategie tegen de normalisering van koloniaal geweld en dit toepassen op een koloniaal werk in een koloniaal museum neigt naar het volledig wegwassen van  – ik gom. dit voelt – ik gom. het gaat niet over mij of net – ik gom. (4) 

mijn blik is navelstaarderig nauw en vol van pentimenti. alles wat ik schreef, lekt nu al spijt. spijt is minder groot als een beslissing te verantwoorden is. ik probeer mezelf te sussen: er is geen alternatief bij deze opdracht, want zelfs als ik geen tekst zou schrijven, is dit een daad van activisme omdat niemand deze opdracht al weigerde, en dan zouden het Mauritshuis en deBuren er alsnog voordeel uit halen omdat ze kritiek op zichzelf verwelkomen en zo een progressief imago telen. deze stem dooft de stem die zegt dat ik deze tekst gewoon uit eigenbelang schreef. ik weet dat het schrijven van deze opdracht niet te verantwoorden is, maar ik deed het toch en zet er mijn naam onder. 

(1) Frans Post ging met Johan Maurits mee naar Brazilië. in Brazilië breidde Maurits de economische uitbuiting via suikerplantages uit met culturele uitbuiting. het uitgebeelde exotisme op de schilderijen van Post vergrootte de aantrekkelijkheid van Brazilië in Europa. zo construeerden en legitimeerden de schilderijen het overzeese kolonialisme.  

(2) het citaat komt uit Herdenken herdacht, een essay om te vergeten (2019) van Simon(e) van Saarloos. 

(3) hier wilde ik de positionering van deBuren rond deze opdrachtkeuze belichten. deBuren heeft zich hier echter enkel over uitgesproken als reactie op een mail van twee schrijfresidenten die de opdracht problematiseerden. totdat deBuren zich positioneert, is dit citaat dan ook onleesbaar en vat ik het zo samen: samenwerken met het Mauritshuis is goed voor 1) de schrijfresidenten omdat de opdracht inhoudelijk-artistiek uitdagend is en publieke zichtbaarheid creëert, 2) deBuren omdat ze positieve ervaringen hebben met de directeur via vroegere samenwerkingen in het Rijksmuseum, 3) het Mauritshuis omdat ze zichzelf kritisch willen bevragen. 

(4) om deze zinnen af te maken, raad ik je aan om de werken van Katherine McKittrick te lezen, onder meer Mathematics Black Life (2014) en On Plantations, Prisons, and a Black Sense of Place (2011). als ik deze referentie hier zou eindigen, doe ik precies dat wat McKittrick in Dear Science and Other Stories (2021) aanklaagt, namelijk dat referenties naar werken van zwarte onderzoekers anders gebruikt worden (snel en onvoldoende bestudeerd) alsof de referentie naar het werk al voldoende bewijs is: if i cite (…), I am, theoretically, ‘doing’ race and blackness. het is paradoxaal om dit in een referentie te schrijven, net omdat ze zo weinig gelezen worden. ik heb twee redenen: 1) deze tekst mag uit slechts 500 woorden bestaan en voetnoten tellen vaak niet mee in het woordenaantal, 2) in Dear Science pleit McKittrick voor een referentiepolitiek die de relationaliteit van ideeën uitlicht en zo een collectief web creëert van verhalen van bevrijding. zonder deze voetnoot zou je niet weten hoe, waar en van wie ik weet wat ik weet. dan zou het kunnen lijken alsof de ideeën mijn eigendom zijn in hoe ik het op papier presenteer. dan zou het ook kunnen lijken alsof ik deze tekst alleen schreef. dat deed ik met de inbreng van andere schrijfresidenten, in het bijzonder Helen Weeres, Lin An Phoa, Naomi van Kleef en Wietse Leenders. 

*

In de audioversie worden de noten voorgelezen door Theo Cosaert.

© Marianne Hommersom

emma ydiers (1997) denkt graag na over archieven, narratieven, paarden, kennis en tijd. emma weet nooit wat relevant is om te vertellen. Hun doctoraatsonderzoek focust op strategieën om de dominante en uitsluitende geschiedschrijving over feminisme in België uit te dagen. 

Alles bekijken

De reeks Oude werken, jonge schrijvers wordt gepubliceerd in een speciale editie De Revisor x deBuren | Het alternatief (december 2024) en verschijnt op de-lage-landen.com en in het Engels op the-low-countries.com (voorjaar 2025).  

De teksten worden voorgedragen door de auteurs in het Mauritshuis tijdens het Writers Unlimited Internationaal Literatuurfestival Den Haag 2025. 

Meer over deze reeks

In de reeks ‘Oude werken, jonge schrijvers’ laten achttien Vlaamse en Nederlandse auteurs zich sinds 2018 inspireren door eeuwenoude artefacten.

Alles bekijken