Vele jaren later zou hij ook nauw betrokken zijn bij de oprichting van deBuren. Hij zetelde vanaf het begin in 2004 tot en met 2012 in het bestuur van de organisatie en was daarnaast een belangrijke partner van deBuren in het organiseren van evenementen rondom Het Liegend Konijn, het tijdschrift voor hedendaagse Nederlandstalige poëzie dat hij oprichtte. Vijf keer reikten we samen de Debuutprijs Het Liegend Konijn uit. In 2009 won hij samen met Jeroen Brouwers de eerste Prijs voor de Vlaams-Nederlandse Culturele Samenwerking.
Een hoogtepunt van die samenwerking was het 10-jarig jubileum van Het Liegend Konijn in het Vlaams Parlement met de drie eerste laureaten van de Debuutprijs: dichters Ester Naomi Perquin, Ruth Lasters en Lieke Marsman. Bij die gelegenheid zei hij: ‘In een wereld die wordt gedomineerd door reclame en commercie beschouw ik het bestaan van Het Liegend Konijn zelf als een subversieve daad. Poëzie is meer dan een banaal consumptieartikel’.
Zowel voor als achter de schermen zette Jozef zich schijnbaar onvermoeibaar in voor zijn culturele idealen. Hij verzette zich tegen commercialisering en de overvloedige reclame die de publieke ruimte ontsiert en zette daarvoor de poëzie in de plaats. In tal van inleidingen en voordrachten – altijd bondig om de ruimte te laten aan de poëzie – herhaalde hij dat centrale punt: het schrijven van poëzie is een daad van het verzet, het uitgeven en lezen ervan zijn dat ook.
Door zijn brede blik over het poëtische laagland wist hij op papier een ruimte te scheppen waar dichters samenkwamen die elkaar op geen enkele andere plek zouden treffen. Deze democratiserende aanpak was in het voordeel van de lezer die zo de eigen smaak scherp kon stellen aan de bloemlezende hand van de genereuze Deleu.
Dat wil niet zeggen dat hij klakkeloos alles even goed vond. Hij had bovendien een duidelijke voorkeur voor heldere voordracht en een uitgesproken hekel aan ‘galmers’, aan dichters die zich hoogdravend op de borst klopten door al te retorische en pathetische podiumpresentaties. Wars van pretentie dus, wars van alles wat de poëzie zelf in de weg stond.
Ester Naomi Perquin verklapte in de krant dat bij haar thuis Deleu als bijnaam ‘de Vlaamse Reus’ had. Deleu had ook een eervolle bijnaam achter de schermen bij deBuren. deBuren bedankt Jozef Deleu voor zijn onophoudelijke inzet voor de Nederlandstalige cultuur en put in uitdagende tijden kracht uit het onverzettelijke verzet van het Koppige Opperkonijn.