Verhaert is onderzoeker en publicist in digitale rechtvaardigheid, maar heeft daarnaast ook altijd korte verhalen geschreven. Als geen ander is ze dus vertrouwd met de snijlijn tussen technologie en het schrijverschap. Ze vraagt de residenten wat hun favoriete digitale toepassing is. De antwoorden gaan van Synoniemen.net tot Indesign, van Goodreads tot e-mail. Gebruikt dan niemand artificiële intelligentie?
De illusie van efficiëntie
‘Op m’n werk word ik aangemoedigd om het te gebruiken: voor mails, planning, de transcriptie van vergaderingen. Het bedrijf is ook wel aan het reorganiseren...’, ‘Ik besteed soms eenvoudige opzoekklusjes uit aan AI, zodat ik zelf meer tijd heb voor moeilijker schrijfwerk. Selectieve luiheid is toch oké?’, ‘Vroeger vroeg ik het om mijn mailtjes vriendelijker te maken of om mee te denken, maar ik ben ermee gestopt. Je voedt het beestje en dat gaat ten koste van jezelf.’
Verhaert herkent de verleiding van het gemak: ‘het is aanlokkelijk om te kiezen voor de weg van de minste weerstand. Maar willen we de frictie van het schrijven wel wegnemen, en ten koste van wat dan?’ Ze hoorde van docenten journalistiek dat zij het moeilijk hebben om het schrijfproces verkocht te krijgen. Hun studenten hebben het gevoel dat ChatGPT in geen tijd een tekst produceert die beter is dan wat zij kunnen. ‘Maar het schrijfproces is meer dan tikken; het is ook wandelen, nadenken, opzoekwerk, gesprekken voeren, redactie… Als je het schrijfproces uit elkaar trekt, zie je de tekortkomingen van technologieën die een bevrijding van weerstand beloven.’