Proefwerk
Heeft een vis mij betoverd, mij in een andere wereld gebracht
Door het spreken van een woord?
Heb ik geklommen naar die plaatsen
Waar je onder je laarzen, uit gewelfde woningen,
Een soort muziek horen kan? Heb ik geantwoord
Door een wijsje te fluiten op mijn eigen botten?
Ik wil terug! Hoe kwam ik hier?
Je gedraagt je, je doet je best. Ondertussen
Had iets in je tot het tegendeel besloten.
Je angst werd afgebeten door een wit moment.
Kort of lang? Je laarzen waren nieuw, en nu versleten.
Waar zijn mijn beschermelingen! huilde je
Je hebt ze niet beschermd.
En in die witte zon, die schokkend heen en weer
Boven een witte zee bewoog,
Was jij met beide polsen vastgemaakt.
Het tikken van diagnoses, van slagpinnen, van oneindige klokken
Omgeeft de grens van wat gezien of gezegd kan worden.
Dit is het leven na dit leven. Het regent zomaar op ons.
Dit is ons leven na ons leven. Het begint elke dag in ons.
Eet afval, eet toeval. Geef antwoord aan een vis.