De taak van de auteur is simpel
1. Geloof in jezelf.
2. Durf eigenwijs te zijn.
3. Je eerste idee is meestal het beste.
4. Blijf vooral genieten.
5. Vertrouw op anderen, maar niet te veel.
6. Ken je ware vriend: interpunctie.
7. Betreed het gehorige huis
a. nee, niet zo’n huis, een huis met lege kamers,
8. en neem plaats op de stoel
a. Nee, niet die stoel, de stoel bij het open raam,
9. en blijf zitten.
10. Vraag je af of dit weer zo’n droom is.
11. Stel geen verdere vragen.
12. Geloof jezelf.
13. Verzin een tafel
14. en ga aan tafel.
15. Voeg toe:
a. een jurk
b. een feest
c. gezelschap
i. de nagalm van gelach
ii. de echo van een dronk
iii. het gefluit uit dronken monden.
16. Denk een luster, die sierlijk schudt.
17. Denk een bed, en word alleen wakker in het huis,
a. ja, opnieuw het lege huis.
18. Overweeg te vertrekken,
19. maar duikel het lege trapgat in
20. en herrijs keer op keer
a. in het midden van de holle ruimte
b. zonder vergaarde kennis
c. als andermans lyrisch ik.
21. Blijf vooral.
22. Dwaal niet af naar
a. biografische details
i. het stugge ‘nee’ van een man
ii. het schorre ‘blijf’ van je baas
iii. de blauwe en witte bloempjes rond Sophie Podolski’s graf.
23. Denk grootse dingen,
a. een uitzicht
i. een visioen
1. een vlakte
a. met abrikozenbomen in maart.
24. Negeer die druppels in je nek.
25. Wacht enkel bij het raam,
a. dat plotseling verlicht is
b. waarachter een menigte
26. en erken dat je waanzinnig bent.
27. Zet je nagels in de muren,
a. die steeds dichterbij komen
b. die intussen zijn verdwenen